Trainingsweek 1: De basis wordt steviger

Na een mooie opbouw in juni begon juli met een nieuwe uitdaging. De omvang liep verder op en langzaam begon de voorbereiding op Frankfurt steeds serieuzere vormen aan te nemen. Toch was het niet alleen de marathon die door mijn hoofd speelde. Minstens zo belangrijk was de vraag of mijn achillespees deze belasting zou blijven accepteren. Iedere ochtend na het opstaan voelde inmiddels als een klein controlemoment. Gelukkig werd dat controlemoment steeds minder spannend.

Op dinsdag stond een rustige duurloop gepland. Door tijdgebrek werd het uiteindelijk geen elf, maar 8,3 kilometer. Geen probleem. De training liep ik op nuchtere maag en bewust ontspannen. Inmiddels merk ik dat mijn rustige tempo langzaam opschuift. Waar ik een paar weken geleden nog moeite moest doen om onder de 5:45 per kilometer te blijven, voelt dat tempo nu steeds natuurlijker. De pees liet zich wederom niet horen. Eigenlijk begint dat steeds normaler te voelen.

Naast het lopen ben ik deze week ook weer serieus aan de slag gegaan met mijn gewicht. De vakantie naar ItaliΓ« komt eraan en stiekem wil ik daar niet alleen fit, maar ook lichter aan de start verschijnen. Doel: 73 kilogram op 26 juli. Dat betekent geen alcohol meer tot de vakantie. Niet alleen vanwege de alcohol zelf, maar vooral omdat het automatisch ook minder snaaien betekent. EΓ©n mogelijke uitzondering staat gepland op de verjaardag van Sam, maar verder wil ik hier echt consequent in zijn.

Woensdag volgde een rustige duurloop van elf kilometer. De opdracht was simpel: hartslag onder de 140 houden en puur op souplesse lopen. Dat lukte uitstekend. Sterker nog, geen enkele keer dacht ik tijdens het lopen aan mijn achillespees. Achteraf besef ik hoe bijzonder dat eigenlijk is. Een paar weken geleden was hij continu aanwezig in mijn hoofd. Nu niet meer.

Donderdagochtend stond opnieuw elf kilometer op het programma. Wederom op nuchtere maag en onder ideale omstandigheden. Het mooie was dat het tempo uiteindelijk zelfs iets hoger lag dan de dag ervoor, terwijl de gemiddelde hartslag juist lager uitviel. Het liep vanzelf. Zonder te forceren, zonder op de klok te jagen en vooral zonder klachten. Dat zijn misschien wel de fijnste trainingen; je bent nauwelijks bezig met presteren, maar achteraf zie je dat het vanzelf goed ging.

Na een rustdag volgde op zaterdag een ontspannen duurloop van acht kilometer. Door de warmte en het benauwde weer voelde deze iets zwaarder dan de cijfers doen vermoeden. Ik had te weinig gedronken en liep direct na de lunch. Toch bleef het doel hetzelfde: ontspannen lopen, niet forceren en de benen voorbereiden op de lange duurloop van zondag.

Die lange duurloop werd uiteindelijk misschien wel de mooiste training van de week. Achttien kilometer door de natuur, af en toe een kudde koeien op de weg, onverharde paden met hoog onkruid en vooral heel veel rust. De eerste kilometers probeerde ik bewust richting de zes minuten per kilometer te zakken, maar uiteindelijk liet ik het tempo gewoon los en liep ik op gevoel. Dat voelde heerlijk. Geen druk, geen schema, gewoon lopen.

Aan het einde van de week stond de teller op ruim 58 kilometer. Niet alleen een nieuw stapje in omvang, maar vooral weer een week waarin de achillespees zich volledig koest hield. Dat begint misschien wel het grootste verschil te worden met eerdere jaren. Natuurlijk wil ik uiteindelijk richting die 3:15 in Frankfurt, maar eerst moet de basis onwrikbaar zijn. Na deze week kreeg ik steeds meer het gevoel dat we op de goede weg zijn. Niet door spectaculaire trainingen, maar juist door de rust en de consistentie waarmee alles verloopt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *