Trainingsweek 2: Vertrouwen groeit met iedere kilometer

Na de eerste week van juli voelde ik dat de basis steeds steviger begon te worden. De achillespees was inmiddels vrijwel volledig uit mijn gedachten verdwenen en daardoor kon de aandacht langzaam weer verschuiven naar waar ik uiteindelijk naartoe wil: fitter worden. Niet alleen herstellen van een blessure, maar weer echt trainen.

Op dinsdag stond een rustige duurloop gepland. Door tijdgebrek werd het uiteindelijk 8,3 kilometer. Geen probleem. De training liep ik op nuchtere maag en zoals inmiddels bijna gebruikelijk voelde het allemaal heel ontspannen. Achteraf zie ik dat het tempo opnieuw iets hoger lag dan eigenlijk de bedoeling was. Blijkbaar begint mijn ‘rustige tempo’ vanzelf weer wat op te schuiven. De pees bleef volledig stil. Dat begint inmiddels bijna vanzelfsprekend te voelen, al besef ik heel goed dat dit een paar weken geleden nog heel anders was.

Woensdag volgde een rustige elf kilometer. Het doel was simpel: onder de 140 hartslagen per minuut blijven en puur op souplesse lopen. Dat lukte uitstekend. Geen enkele keer dacht ik aan mijn achillespees en ook na afloop voelde alles normaal. Het zijn misschien wel de fijnste trainingen; geen spektakel, maar gewoon een rondje waarbij alles klopt.

Donderdagochtend stond opnieuw elf kilometer op het programma. Wederom op nuchtere maag. Het mooie was dat het tempo uiteindelijk zelfs iets hoger lag dan de dag ervoor, terwijl de gemiddelde hartslag juist lager uitviel. Het voelde alsof ik met de handrem erop liep zonder mezelf echt af te remmen. Dat gaf veel vertrouwen. Het zijn van die trainingen waarbij je onderweg nauwelijks bezig bent met cijfers, maar achteraf ziet dat de vorm langzaam terug begint te komen.

Eigenlijk zou ik op zaterdag nog een rustige duurloop doen, maar vanwege een dagje Efteling besloot ik die training naar vrijdag te verplaatsen. Drie dagen achter elkaar elf kilometer lopen voelde vooraf misschien wat spannend, maar uiteindelijk bleek daar helemaal geen reden voor te zijn. Sterker nog, dit werd misschien wel de mooiste training van de week. Ik had totaal geen zin om te vertrekken. Eenmaal buiten besloot ik alle verwachtingen los te laten en gewoon op gevoel te lopen. Halverwege voelde ik mijn lichaam steeds beter worden en zonder dat het de bedoeling was ontstond een progressieve duurloop. Kilometer na kilometer liep ik iets sneller. Niet omdat het moest, maar omdat het vanzelf ging. Achteraf misschien wel de leukste verrassing van de hele week. Soms zijn de mooiste trainingen juist degene die je helemaal niet gepland hebt.

Na een dag wandelen in de Efteling volgde zondag de langste duurloop tot nu toe. Ruim 21 kilometer. De eerste kilometers probeerde ik bewust rustig te lopen, maar uiteindelijk liet ik het tempo gewoon ontstaan. Af en toe wat koeien op de weg, een stuk onverhard met hoog onkruid en vooral heel veel genieten. Het mooiste moment kwam misschien wel na afloop. Mijn eerste gedachte was niet dat ik blij was dat het erop zat, maar dat ik gerust nog tien kilometer had kunnen doorlopen. Natuurlijk deed ik dat niet. Dat was niet het doel van de training. Maar juist dat gevoel liet zien dat de duurconditie langzaam terugkomt.

Aan het einde van de week stond de teller op 63 kilometer, een nieuw hoogtepunt in deze voorbereiding. Nog veel belangrijker was dat mijn achillespees zich ook na deze week volledig rustig hield. Geen ochtendstijfheid, geen napijn en zelfs niet gevoelig wanneer ik erin kneep. Dat gaf misschien wel meer vertrouwen dan alle tempo’s en hartslagen bij elkaar.

Langzaam begin ik weer te geloven dat Frankfurt niet alleen haalbaar is, maar dat er misschien ook echt iets moois mogelijk is. De marathon ligt nog maanden weg en het zwaarste werk moet nog beginnen, maar de fundering begint inmiddels stevig genoeg te voelen om daar straks echt op verder te bouwen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *