Maandag hield ik een rustdag. Dat voelde eigenlijk wel goed, zeker omdat ik wist dat deze week toch wat rommelig zou worden door mijn tripje naar Mallorca.
Dinsdag schoof ik de training van zaterdag alvast naar voren: 4 x 2000 meter met 400 meter dribbelpauze. Het was warm – 25 graden – maar ik voelde me sterk. De intervallen liepen mooi vlak: 8:27, 8:23, 8:29 en 8:28, gemiddeld 4:15 min/km. Precies zoals het moest. Er zat zelfs plezier in de versnellingen en na afloop deed ik nog wat loopscholing. Het gaf vertrouwen om een training zo strak neer te zetten, zeker met de wetenschap dat ik in het weekend weinig kilometers zou maken.
Woensdag liet ik de geplande 31 kilometer volledig schieten. Na overleg met Chris stond er eigenlijk nog anderhalf uur op de planning, maar tijdtechnisch kreeg ik het gewoon niet voor elkaar. Alleen al de gedachte eraan leverde stress op. In plaats daarvan pakte ik mijn tas in en regelde nog wat dingen thuis. Dat gaf me rust. Of het richting de marathon de verstandigste keuze was? Geen idee – en dat maakt me soms onzeker. Toch geloof ik dat het beter was zo.
Donderdag liep ik een ontspannen hersteltraining van bijna 12 km. Het ging lekker weg op 4:46 min/km, en ik had het gevoel dat ik de beslissing van woensdag goed had verteerd. Het euforische gevoel van de week ervoor was er niet, maar ik was gewoon tevreden – en soms is dat precies genoeg. Later die middag vloog ik naar Mallorca voor een vriendenweekend.
Vrijdag werd ik vroeg wakker, niet omdat ik me fit voelde, maar omdat de kamer al snel vol licht stond. Toch trok ik mijn schoenen aan, want er moest gelopen worden. Vanuit El Arenal pakte ik de boulevard richting Palma. Een rechte strook langs de hotels en strandtenten, ideaal om gewoon door te tikken. Het was al 25 graden en behoorlijk vochtig, dus halverwege begon de zon goed te branden. Pittig dus, maar wel lekker omdat ik wist dat ik me achteraf beter zou voelen. Uiteindelijk liep ik 5 km in 27 minuten (5:23 min/km). De rest verklaarde me natuurlijk voor gek – een zuipweekend en dan ‘s ochtends hardlopen – maar ja, is niet iedere marathonloper dat een beetje?
Zaterdag en zondag liep ik niet. Dit keer koos ik voor gezelligheid, terrasjes en genieten met vrienden. Even geen horloge, geen schema. Toch voelde dat dubbel: het gaf rust, maar ergens knaagde het ook. Uiteindelijk besloot ik dat het oké is. Een marathon is niet alleen een optelsom van kilometers, maar ook van de keuzes die je onderweg maakt. En soms kies je voor het leven naast het hardlopen – en dat is ook goed.
